Kruisverwijzing
oppervlak
lemma | meaning |
---|---|
aikyōzukiai-愛敬付合い | een oppervlakkige vriendschap [relatie; kennis] |
aisubān-アイスバーン | bevroren oppervlak [skibaan; weg] |
anka-安価 | oppervlakkigheid; lichtvaardigheid |
an'i-安易 | onverschilligheid; oppervlakkigheid |
an・tsū・kā-アン・ツー・カー | all-weather wegdek [oppervlak]; (kunststof) baan die bestand is tegen alle weersinvloeden |
arabuki-粗拭き | het grofweg [oppervlakkig] schoonvegen |
asai-浅い | oppervlakkig; onbeduidend |
banmen-盤面 | het oppervlak van een bord voor go of shōgi (schaken) |
banmen-盤面 | het oppervlak van een grammofoonplaat |
betaichimen-べた一面 | overal; (verspreid) over het hele oppervlak |
chihyō-地表 | aardoppervlak |
chijōken-地上権 | oppervlakterecht; recht van opstal |
chiseki-地積 | de oppervlakte [het areaal] van een stuk land |
daien-大円 | grootcirkel; orthodroom (een cirkel op een boloppervlak waarvan de straal gelijk is aan de straal van de bol) |
dekora-デコラ | Decola, merknaam van thermohardende kunststof gemaakt van melamine en formaldehyde (o.a. gebruikt voor oppervlaktecoatings) |
direttanto-ディレッタント | dilettant (m); dilettante (v); amateur; oppervlakkige kunstkenner |
ensuimen-円錐面 | kegelvormig oppervlak; cirkelkegel |
fēsu-フェース | (berg)helling; rotswand; oppervlak; voorzijde |
fu-膚 | (in kanji combinaties) oppervlakte; uiterlijk; buitenkant |
fuhaku-浮薄 | lichtzinnig [frivool; luchtig; oppervlakkig] zijn |
fujō-浮上 | het drijven naar de oppervlakte |
fujōsuru-浮上する | naar de oppervlakte drijven |
fuka-浮華 | frivoliteit; oppervlakkigheid; lichtzinnigheid |
gaimenteki-外面的 | uiterlijk; uitwendig; oppervlakkig |
gaishō-外傷 | uitwendige letsel; trauma; oppervlakkige wond |
gemen-外面 | buitenkant; buitenoppervlak; uiterlijk |
getsumen-月面 | maanoppervlak |
hamon-波紋 | rimpeling [rimpel; golving; golfje] (in een wateroppervlak) |
heimen-平面 | een vlak; (plat) oppervlak; niveau |
hekimen-壁面 | muuroppervlak |
hitokawa-一皮 | (aan) de oppervlakte [buitenkant]; uiterlijk |
hyōmen-表面 | oppervlak |
hyōmenchōryoku-表面張力 | oppervlaktespanning |
hyōmenka-表面化 | het aan de oppervlakte komen; een probleem worden |
hyōmenkasuru-表面化する | aan de oppervlakte komen; een probleem worden |
hyōmenondo-表面温度 | oppervlaktetemperatuur |
hyōmenrimawari-表面利回り | oppervlakteopbrengst |
hyōmenseki-表面積 | oppervlakte (gebied) |
ichimen-一面 | de oppervlakte; het hele vlak; overal |
ichimenshiki-一面識 | oppervlakkige kennis; eenmalige ontmoeting |
itchihankai-一知半解 | oppervlakkige [beperkte] kennis [begrip] |
jiban-地盤 | grond(laag); oppervlaktelaag; aardkorst |
jimen-地面 | grond; aardoppervlak |
kaijō-海上 | zee [oceaan] oppervlak; op zee; maritiem |
kaimen-海面 | zeeoppervlak; zeeniveau |
kainade-掻い撫で | oppervlakkigheid |
kanbandaore-看板倒れ | schijngoed; oppervlakkig; iets dat minder goed is dan verwacht; iets dat mooi is aan de buitenkant maar zonder inhoud |
kanshitsu-乾漆 | droge lak techniek (voorwerpen worden gevormd met lagen hennepdoek gedrenkt in lak, en de oppervlaktedetails gemodelleerd met lak, zaagsel, e.d.) |
kassha-滑車 | katrol (gewrichtsoppervlak) |
kawamo-川面 | rivieroppervlak; de oppervlakte van een rivier |
kawazura-川面 | rivieroppervlak; de oppervlakte van een rivier |
keishikiteki-形式的 | formeel; uiterlijk; oppervlakkig |
kenpeiritsu-建蔽率 | bebouwingspercentage; verhouding tussen het grondoppervlak en het oppervlak van de bebouwing |
kikikajiru-聞き齧る | (iets) oppervlakkig kennen [weten]; (iets) alleen van horen zeggen weten |
komen-湖面 | het wateroppervlak van een meer |
kurakuryūru-クラクリュール | craquelure (barstjes in verfoppervlak) |
kyūmen-球面 | (wiskunde) bolvormig oppervlak |
mamechishiki-豆知識 | basiskennis; oppervlakkige kennis; handige informatie |
men-面 | oppervlak; zijde; kant |
menseki-面積 | oppervlakte; gebied (in vierkante (kilo)meters) |
mimidoshima-耳年増 | een jonge vrouw die een oppervlakkige kennis heeft over sex |
minamo-水面 | wateroppervlak(te) |
mizukagami-水鏡 | waterspiegel; spiegelend wateroppervlak |
mizukiri-水切り | steentjes keilen [laten stuiteren] over een wateroppervlak |
namabyōhō-生兵法 | oppervlakkige kennis van [ervaring met] (militaire tactieken) |
namahanka-生半可 | oppervlakkigheid; halfslachtigheid |
namakajiri-生齧り | oppervlakkigheid |
nanako-魚子 | (afk. voor) keperbinding (weeftechniek, waarbij het oppervlak van de stof korrelig als een visei wordt) |
nanakoori-魚子織り | keperbinding (weeftechniek, waarbij het oppervlak van de stof korrelig als een visei wordt) |
nobemenseki-延べ面積 | totale oppervlakte; totale vloeroppervlak [grondoppervlak] |
nodomotojian-喉元思案 | oppervlakkige [bekrompen] gedachten [denkwijze] |
nozokimegane-覗き眼鏡 | waterkijker; hydroscoop (kastje met lens om onder wateroppervlak te kijken) |
omo-面 | oppervlak |
roban-路盤 | wegverharding (basislaag en onderste oppervlaktelaag, onder het wegdek) |
sarujie-猿知恵 | oppervlakkige [triviale] wijsheid [slimheid] |
sennyū-潜入 | het duiken (onder de oppervlakte van het water) |
shaku-勺 | oude oppervlakte eenheid (ca. 0,033 meter) |
shamen-斜面 | hellend oppervlak; helling; glooiing |
shijitai-支持体 | ondergrond voor schilderingen (zoals papier, karton, canvas, metaalplaten en muuroppervlakken) |
shimen-紙面 | papieroppervlak; paginaruimte; ruimte op een pagina |
suimen-水面 | wateroppervlak(te) |
tan-反 | oppervlakte eenheid: 1 tan = (300 tsubo =) ca. 991 vierkante meter) |
tanbetsu-反別 | de oppervlakte van een veld (aangeduid in: tan) |
tanbu-反歩 | een oppervlaktemaat (ca. 991,7 ㎡) |
tanomo-田の面 | het oppervlak van een rijstveld |
tekusuchāpēpā-テクスチャーペーパー | structuurpapier; papier met een structuuroppervlak |
tenbin-天秤 | (vistuig) metalen fitting die wordt gebruikt om te voorkomen dat een vislijn verstrikt raakt (onder het wateroppervlak) |
tsubo-坪 | oppervlakte eenheid: ca. 3,3 vierkante meter |
tsuma-端 | een oppervlak loodrecht op de zij- of nokrichting van een gebouw |
tsura-面 | oppervlak; kant |
tsūtei-通底 | zaken [dingen; ideeën] die aan de oppervlakte verschillend lijken, maar in de basis overeenkomen |
ue-上 | boven; op; bovenkant; top; oppervlak(te) |
ukabiagaru-浮かび上がる | naar boven komen (drijven); aan de oppervlakte komen; tevoorschijn komen |
ukiagaru-浮き上がる | oprijzen; aan de oppervlakte komen; bovendrijven |
ukidasu-浮き出す | opkomen; naar boven (komen) drijven; aan de oppervlakte komen |
ukideru-浮き出る | oprijzen; tevoorschijn komen; aan de oppervlakte komen |
ukiuo-浮き魚 | oppervlaktevis; een vis die nabij het wateroppervlak leeft |
uku-浮く | drijven; boven komen drijven; aan de oppervlakte komen |
usude-薄手 | dunheid; iets dat heel dun [ondiep; oppervlakkig] is |
usuppera-薄っぺら | oppervlakkig (persoon, kennis, bewijs, e.d.) |
uwabe-上辺 | buitenkant; oppervlak |
uwasuberi-上滑り | oppervlakkig zijn; oppervlakkigheid |
uwatchōshi-上っ調子 | luchthartigheid; oppervlakkigheid; op spottende toon [manier] |
uwattsura-上っ面 | uiterlijk; oppervlak |
yamahada-山肌 | bergoppervlak |
yojōhan-四畳半 | een Japanse kamer met een oppervlakte van 4,5 tatami matten (ongeveer 2,7 m. x 2,7 m.) |
zatto-ざっと | oppervlakkig; eenvoudig; kort; snel |
zenmen-全面 | het gehele oppervlak; de hele kant |
zokkai-俗解 | populaire [algemene; oppervlakkige] uitleg [interpretatie] |
zuhō-図法 | projectie (b.v. van het aardoppervlak) op een kaart |