Kruisverwijzing
afhankelijk
lemma | meaning |
---|---|
amae-甘え | gebrek aan zelfredzaamheid; (emotionele) afhankelijkheid van anderen |
anatamakase-貴方任せ | het van anderen afhankelijk zijn; iets aan anderen overlaten |
andepandan-アンデパンダン | de Indépendants (de Onafhankelijken, Franse kunstenaars) |
aogu-仰ぐ | vertrouwen (op); afhankelijk zijn (van) |
chōtōha-超党派 | niet-partijgebonden; onafhankelijk van partijlijn [partijpolitiek] |
dokkō-独行 | onafhankelijkheid; zelfredzaamheid |
dokkōsen-独航船 | onafhankelijke vissersboot |
dokuji-独自 | het uniek [eigen; individueel; onafhankelijk; origineel] zijn |
dokuritsu-独立 | onafhankelijkheid |
dokuritsudoppo-独立独歩 | onafhankelijkheid, zelfredzaamheid |
dokuritsujison-独立自尊 | onafhankelijkheid en zelfrespect |
dokuritsukikan-独立機関 | onafhankelijk bureau; onafhankelijke instantie |
dokuritsukokkakyōdōtai-独立国家共同体 | Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS) (ex-Sovjetstaten) |
dokuritsukoku-独立国 | een onafhankelijke [soevereine] staat [natie] |
dokuritsusaisansei-独立採算制 | een zelfstandig [onafhankelijk] boekhoudingssysteem |
dokuritsusengen-独立宣言 | onafhankelijkheidsverklaring |
dokuritsusuru- 独立する | onafhankelijk worden |
efu・ē-エフ・エー | onafhankelijk persoon (Eng.: free agent); contractvrije [transfervrije] speler |
fuhenfutō-不偏不党 | onpartijdigheid; neutraliteit; onafhankelijkheid |
fuki-不羈 | vrijheid; onafhankelijkheid |
fukidokuritsu-不羈独立 | vrij en onafhankelijk zijn; een vrije en onafhankelijke geest hebben |
furī・ējento-フリー・エージェント | (Eng.: free agent) iemand die onafhankelijk [zonder verplichtingen] is; een sporter die niet contractueel gebonden is |
gaibutsu-外物 | (filosofie) dingen die bestaan in de objectieve wereld, onafhankelijk van het bewustzijn |
hitodanomi-人頼み | afhankelijk zijn van iemand anders; rekenen [vertrouwen] op iemand anders |
hitoridachi-独り立ち | het onafhankelijk zijn; op eigen benen staan |
ichimi-一味 | (Boeddhisme) de eenheid van de veelheid van interpretatieverschillen, die afhankelijk van tijdperk, locatie en individuen ontstaan |
ikomu-イコム | International Council of Museums (een onafhankelijke niet-gouvernementele internationale organisatie voor musea) |
ikyo-依拠 | afhankelijkheid; basis; steun; toeverlaat |
ikyosuru-依拠する | afhankelijk zijn van; gebaseerd zijn op; steunen op; zich toeverlaten op |
indīzu-インディーズ | (independent film, music) onafhankelijk muzieklabel, film, etc. |
ison-依存 | afhankelijkheid |
isondo-依存度 | mate [graad] van afhankelijkheid [vertrouwen] |
izon-依存 | afhankelijkheid |
izonsei-依存性 | afhankelijkheid; afhankelijke aard |
jiritsu-自律 | autonomie; onafhankelijkheid; zelfbeschikking |
jiritsu-自立 | zelfstandigheid; onafhankelijkheid; zelfvoorziening |
jiritsusuru-自立する | zelfstandig [onafhankelijk] worden |
jishu-自主 | autonomie; onafhankelijkheid; zelfbeschikking |
jishuteki-自主的 | zelftstandig; autonoom; onafhankelijk |
jisoku-自足 | zelfstandigheid; onafhankelijkheid; op eigen benen kunnen staan; autarkie |
jiyūgyō-自由業 | zelfstandig [vrij; onafhankelijk] beroep |
ki-寄 | afhankelijk zijn (van); vertrouwen (op) |
kokorodanomi-心頼み | vertrouwen; afhankelijkheid |
mioyoseru-身を寄せる | onder andermans dak leven; afhankelijk zijn [worden] van iemand; hulp [bescherming] zoeken |
mochiai-持ち合い | wederzijdse hulp; onderlinge afhankelijkheid |
onbuzuman-オンブズマン | (uit het Zweeds: ombudsman) ombudsman (onafhankelijke ambtenaar voor klachten van burgers) |
satoyama-里山 | bergen en bossen nabij een bevolkt gebied (waarbij de bewoners in hun levensbehoeften daarvan afhankelijk zijn) |
shotokuwari-所得割 | inkomensafhankelijke [inkomensgerelateerde] (belasting)heffing |
shutaisei-主体性 | onafhankelijkheid; eigen identiteit [initiatief]; individualiteit |
shutaiteki-主体的 | onafhankelijk; individueel; proactief |
sōgoizon-相互依存 | onderlinge afhankelijkheid |
suwarajiundō-スワラジ運動 | Swarāj, een Indiase onafhankelijkheidsbeweging |
warizerifu-割り台詞 | in Kabuki, twee acteurs die (in een monoloog) dezelfde gedachten uiten onafhankelijk [onbewust] van elkaar |
yakkai-厄介 | hulp; steun; afhankelijkheid; verblijf (bij iem.) |
yunyūizondo-輸入依存度 | de mate van (economische) afhankelijkheid van import (verhouding tussen invoerwaarde en nationale productie) |