aisu・dansu-アイス・ダンス | ijsdansen |
amagoi-雨乞い | ceremonie om te bidden [dansen] voor regen |
ateburi-当て振り | (bij het dansen) de gebaren maken die passen bij de (inhoud van de) tekst van het zangstuk |
buyō-舞踊 | dans; het dansen |
chīku・dansu-チーク・ダンス | dansen cheek to cheek (met de wangen tegen elkaar); schuifelen |
danshingu-ダンシング | dansen |
dansu-ダンス | dans; het dansen |
faiasutōmu-ファイアストーム | zingen en dansen rondom een kampvuur [vreugdevuur] |
hikute-引く手 | handgebaar bij het dansen |
komanezumi-独楽鼠 | Japanse (dansende) muis (Mus musculus) |
koodorisuru-小躍りする | een vreugdedansje doen; dansen van plezier [blijdschap] |
mai-舞 | dans; het dansen |
mainezumi-舞鼠 | Japanse (dansende) muis (Mus musculus) |
maitake-舞茸 | (lett. dansende paddestoel) eikhaas (paddestoel, Grifola frondosa) |
mau-舞う | dansen |
odori-踊り | dans; het dansen |
odoriba-踊り場 | plek om te dansen |
odoru-踊る | dansen |
soshiaru・dansu-ソシアル・ダンス | stijldansen; ballroomdansen |
tachisugata-立ち姿 | dansende figuur |
taitorōpu-タイトロープ | (fig.) (dansen op) het slappe koord (risicovolle onderneming) |
taitorōpu-タイトロープ | koord dat wordt gebruikt bij koorddansen |
tappudansu-タップダンス | tapdans; tapdansen |
tsunawatari-綱渡り | het koorddansen; balanceren; risico's nemen |
yotsudake-四つ竹 | bamboe castagnetten (een percussie instrument van twee stukken bamboe, gebruikt bij volksdansen en kabuki) |