Kruisverwijzing
tijdperk
lemma | meaning |
---|---|
akufu-握斧 | een stenen handbijl (gebruiksvoorwerp uit het stenen tijdperk) |
anna-安和 | kalmte en vrede; de naam van een keizerlijk tijdperk in het midden van de Heian-periode, 10e eeuw) |
anwa-安和 | kalmte en vrede; de naam van een keizerlijk tijdperk in het midden van de Heian-periode, 10e eeuw) |
batsuyō-末葉 | het einde [slot] (van een tijdperk) |
bunmei-文明 | naam van een Japans tijdperk (1469-1487) |
chishitsujidai-地質時代 | geologisch tijdperk |
chūseidai-中生代 | mesozoïcum (tijdperk) |
daikōkaijidai-大航海時代 | (hist.) tijdperk van de grote ontdekkingen |
gengō-元号 | (keizerlijke) regeringsperiode [tijdperk] |
genseidai-原生代 | proterozoïcum (geologisch tijdperk van ongeveer 2500 tot 541 miljoen jaar geleden) |
hōkenjidai-封建時代 | het feodale tijdperk |
ichidai-一代 | tijdperk |
ichimi-一味 | (Boeddhisme) de eenheid van de veelheid van interpretatieverschillen, die afhankelijk van tijdperk, locatie en individuen ontstaan |
issei-一世 | tijdperk |
jidai-時代 | tijdperk; periode |
jijin-時人 | mensen van een (bepaald) tijdperk; tijdgenoten |
jindai-神代 | tijdperk van de goden; mythologisch tijdperk |
jisei-時世 | tijden; tijdperk |
jōmon-縄文 | (afk. voor) Jōmon tijdperk (in Japan, ca. 14000-1000 v.Chr.) |
jōmonjidai-縄文時代 | Jōmon tijdperk (in Japan, ca. 14000-1000 v.Chr.) |
kakki-画期 | overgang van het ene tijdperk naar het andere; verandering van tijdperk; begin van een nieuw tijdperk |
kakusode-角袖 | (Meiji-tijdperk) een officier [agent] in burgerkleding |
kamiyo-神代 | tijdperk van de goden; mythologisch tijdperk |
kanshinsei-完新世 | het holoceen (geologisch tijdperk) |
kare-彼 | hij of zij; die persoon (tot aan Meiji tijdperk gebruikt); u; jij (arch.); dat (arch.) |
ki-紀 | periode; tijdperk |
kokushokaidai-国書解題 | catalogue raisonné van de Japanse literatuur vanaf ca. het Nara tijdperk tot het jaar 1867 |
koseidai-古生代 | paleozoïcum (tijdperk) |
masse-末世 | tijdperk van verval van de boeddhistische wetten |
masse-末世 | een gedegenereerde wereld; tijdperk zonder moraal |
matsuyō-末葉 | het einde [slot] (van een tijdperk) |
momoware-桃割れ | haarstijl met een perzikvormige knot (uit het Meiji tijdperk) |
nanushi-名主 | (in het Edo tijdperk) dorpshoofd; hoofdman van een dorp of plaats (voornamelijk in het Kantō gebied) |
nendai-年代 | vroeger tijdperk; oudheid |
nenkan-年間 | (periode van) een jaar; jaarperiode; tijdperk |
nigiriono-握り斧 | een stenen handbijl (gebruiksvoorwerp uit het stenen tijdperk) |
nōdai-曩代 | (arch.) voorgaand tijdperk |
ooban-大判 | ōban (Japanse gouden munt uit het Edo-tijdperk) |
rasotsu-邏卒 | politieagent (begin Meiji tijdperk |
rekisū-暦数 | aantal jaren; jaartal; tijdperk |
seidōkijidai-青銅器時代 | bronstijd; bronzen tijdperk |
seiki-世紀 | eeuw; tijdperk |
sekkijidai-石器時代 | het steentijdperk; de steentijd |
senchurī-センチュリー | eeuw; tijdperk; 100 jaar |
sengokujidai-戦国時代 | tijdperk van oorlogvoerende staten in China (770-221 v. Chr.) |
sengokujidai-戦国時代 | Sengoku periode (tijdperk van de oorlogvoerende staten in Japan, 1467-1568) |
shinwajidai-神話時代 | het tijdperk van de goden; het mythische tijdperk |
shōdai-昭代 | roemrijke heerschappij; glorieus tijdperk; vreedzame en welvarende periode |
shuturumu・unto・dorangu-シュトゥルム・ウント・ドラング | (psychologie) sturm-und-drang (onrustig overgangstijdperk in adolescentie) |
shūya-庄屋 | (in het Edo tijdperk) dorpshoofd; hoofdman van een dorp of plaats (voornamelijk in het Kantō gebied) |
sueki-須恵器 | Sue aardewerk, Japans blauwgrijs aardewerk (geproduceerd vanaf het late Kofun-tijdperk tot de Heian-periode) |
tekkijidai-鉄器時代 | het ijzertijdperk; de ijzertijd |
tenbun-天文 | Tenbun tijdperk (1532-1555 ) |
tokiyo-時世 | tijdperk |
tokiyo-時世 | trend [mode; stroming] van een tijdperk |
tsukaisutejidai-使い捨て時代 | wegwerp tijdperk |
yononaka-世の中 | tijden; tijdperk |
yoyo-代代 | (boeddh.) levenstijd [tijdperk; wereld] in het verleden, heden en toekomst |
zendai-前代 | vorige generatie; vroeger [eerder] tijdperk |
zenkindai-前近代 | pre-moderne tijdperk |
zenseiki-全盛期 | hoogtijdagen; gouden tijdperk; periode van bloei |
zetchōki-絶頂期 | hoogtepunt; toppunt; tijdperk van bloei; gouden tijdperk |